De mythe van het multitasken

Veel opdrachten tegelijk kunnen uitvoeren. Bellen, terwijl je mailt en na je telefoon even een vergadering induiken, waar je al luisterend naar uitleg bij een taartdiagram even snel een memo schrijft, naar het thuisfront sms’t en snel online boodschappen doet. Wie doet het niet? Of wie heeft er zichzelf nog niet op betrapt in vier sloten tegelijk te waden? Multitasken lijkt op het eerste gezicht een zegen: veel werk tegelijk verzetten, doet de dingen sneller vooruitgaan. Maar is dat wel zo?

Multitasking vs productiviteit

Laten we wel wezen, bij multitasken hebben we het – in deze context – niet over de was en de plas doen. Niet over een potje koken, de vaat wegzetten en het kind de papfles geven. Voer voor  talloze discussies in huishoudens, waarbij de algemene consensus is dat vrouwen kunnen multitasken en mannen niet. Of dat werkelijk zo is, laten we in het midden. Dit is geen blogbericht over gender of het verschil in aandachtspanne tussen mannen en vrouwen.

Maar multitasken heeft wel met aandacht te maken. Meer bepaald: verdeelde aandacht. Multitasken lijkt wel een prachtig gegeven: van de ene opdracht naar de andere switchen en de dag afsluiten met de gedachte: “Héhé, dat heb ik weer mooi voor elkaar.”

Mooi toch? Ja, en neen. Want multitasken, zo blijkt, is een mythe. Een paar maanden geleden las je in de krant De Morgen bijvoorbeeld hoe Bert Reynvoet, professor cognitieve neuropsychologie aan de K.U. Leuven brandhout maakte van het begrip:

“In feite is multitasken een verkeerd begrip: het idee dat je als mens effectief twee dingen tegelijkertijd kan doen, is een complete mythe. Wat er gebeurt als we dat toch proberen te doen, is dat onze hersenen voortdurend switchen van de ene naar de andere taak. Telkens dat gebeurt, blijft er echter een stukje aandacht haken aan de vorige taak, waardoor de werking van onze hersenen heel wat vertraging oploopt. Telkens je bijvoorbeeld van je scherm opkijkt naar je inbox of telefoon, maak je een klein uitstapje uit je concentratiezone en gaat er een stuk van je aandacht verloren." 

Met andere woorden: multitasken haalt je productiviteit naar beneden. Je krijgt misschien de indruk dat je veel gedaan krijgt, maar het tegenovergestelde is waar. Je hersenen moeten net harder werken door voortdurend te switchen; het gevolg is  meer stress, vermoeidheid en een tragere reactietijd. En de kwaliteit van wat je doet gaat pijlsnel de dieperik in.

Betrap je jezelf op multitasken? Met deze tips maak je je het zelf wat makkelijker.

1. Mail niet meer in de ochtend

Check niet meteen je berichten, want voor je het weet, sla je aan het mailen en vergeet je de belangrijkste taken van de dag. Begin met het belangrijkste; trek er een half uurtje voor uit. Je mail kan even wachten.

2. Maak geen to-do lijstjes.

Het voordeel van een to-do lijst? Je ziet wat je nog moet doen. Het nadeel van een to-do lijst? Je ziet wat je nog moet doen én je vult je lijstje gewoon aan met meer to-do’s. Er komt dus geen einde aan. Niets raakt afgewerkt, met alle frustratie van dien. Laat het los.

3. Wissel werkblokken af

Werk geen uren aan een stuk door aan een veeleisende taak. Wissel af. Concentreer je op iets moeilijkers en kies dan voor iets luchtigers. Ga een koffie drinken, schep een luchtje, onbreek je workflow en voeg wat ‘lucht’ toe.

4. Choose wisely!

Te veel werk? Ligt dat aan je overste die je al dat werk in de schoot werpt of ben jij diegene die op alles ‘ja’ zegt? Het loont om voor jezelf te bepalen wat je wil en kan doen en waar je je skills op wil loslaten. Minder, maar meer gefocust werken, geeft doorgaans goede resultaten.

5. FB, IG, Snapchat Eén regel, sluit ze af tijdens het werk.

Een uitsmijter: doe ook eens lekker niets en laat je gedachten de vrije loop. Dagdromen leidt soms tot creatieve opplossingen voor problemen waar je misschien helemaal vast in zat.